
"DE KOMST VAN BABAJI EN ZIJN BOODSCHAP: HEB VERTROUWEN"
Dit bericht werd afgegeven door Babaji aan de uitgever van het dagblad, toen Baba Hairakhan voor de wereld verscheen in 1970. Hij beweerde dat diverse ashrams en andere eigendommen toebehoorden aan de oude Hairakhan Baba. Kathgaria Ashram, dat 6 kilometer van Haldwani ligt, was een van de eigendommen, die werden betwist.
Toen Babaji daar naartoe ging, begonnen een paar figuren zijn bewering in twijfel te trekken en dienden een klacht in bij het districtshoofd. De deurwaarder van Nainital stuurde A.D.M. Bhawur erop af om Babaji te ondervragen. Babaji weigerde hem te antwoorden en zei, "Ik kom persoonlijk naar de rechtbank om onder ede te spreken".
De volgende dag verscheen Babaji vergezeld van honderden mensen voor de officier van justitie. Hij legde de eed af en de hoorzitting begon. Zijn leeftijd werd gevraagd. Hij gaf geen antwoord, er gebeurde iets. De officier zei dat de hoorzitting de volgende dag zou worden voortgezet. De volgende dag antwoordde Babaji dat zijn leeftijd 130 jaar was.
Die dag zat de rechtbank vol publiek en men had verwacht, dat Babaji een of ander wonder zou uitvoeren en alle twijfels en disputen uit hun hoofd zou zetten. Er gebeurde niet zoiets als dat. Babaji beantwoordde eenvoudig alle vragen naar eer en geweten. Er was geen oneerlijkheid of onwaarheid in de getuigenis van Babaji.
De bevolking dacht dat Baba een jongen was uit de heuvels, die door verkeerde mensen werd omringd en dat Zijn volgelingen voordeel trokken uit het bedrog van het grote publiek. De uitgever van de krant dacht er precies zo over. De volgende dag kwam Mr. Sharma van Jaipur naar Haldwani en vroeg de uitgever om naar de Kathgaria Ashram te komen en wij gingen mee met Babaji. Mr. Sharma waarschuwde de uitgever, dat hij in zijn krant de juiste foto van Baba's verschijning in de rechtbank moest plaatsen en de valse geruchten, dat Babaji door de politie zou zijn gearresteerd, enzovoort, moest rectificeren. Mr. Sharma vroeg een journalist om hem te vergezellen naar Babaji.
De volgende dag kwam de uitgever in Kathgaria Ashram en kreeg te horen dat Baba aan het rusten was. De journalist heeft ook een half uur zitten wachten, voordat Babaji hen in zijn kamer ontving. Ze vertelden Babaji dat de religieus georiënteerde bevolking na het incident in de rechtbank een ware schok in hun hoofd en hart hadden ondergaan. De mensen waren onverschillig geworden met betrekking tot religie, maar alles wat in de rechtbank was gebeurd was een belediging tegen Baba Hairakhan en daardoor was er een illusie in het hoofd van de mensen ontstaan. Als hij de beroemde oude Hairakhan Baba was, die bekend stond om zijn wonderen, waarom kon hij die hele toestand dan niet laten ophouden?
De journalisten stelden Hem meer van deze soort vragen. Babaji antwoordde op een simpele manier, "De dingen zijn altijd zo gegaan, alles is afhankelijk van vertrouwen". De uitgever vertelde Babaji, dat hij geen wonderen hoefde te zien, maar als hij echt de oude Hairakhan Baba was, zou hij iets moeten doen om de twijfels en de illusies bij de mensen weg te nemen, zodat hun vertrouwen kon worden hersteld. Baba zei, "Het is zoals het gaat."
Weer drukte de uitgever Babaji op het hart de waarheid te vertellen. Toen Hij dit hoorde, sloeg Hij Zijn ogen neer. Wat er toen gebeurde is onbeschrijflijk. De uitgever voelde iets, dat hij niet in staat was te omschrijven. Hij zag een groot goddelijk licht en de hele uitstraling van Babaji toonde hem de waarheid van Baba's wezen. De uitgever stond te zweten en te roepen en zei, "Alsjeblieft, Babaji, houd op." De uitgever drukt zijn hoofd op Baba's voeten en alles, wat hij op dat moment zag, liet hem begrijpen wat de boodschap van Babaji was – HEB VERTROUWEN.

In 1972 gaf Babaji me een tekening van Zijn fysieke manifestatie van lang geleden. Op deze tekening werd Hij afgebeeld met vier armen (caturbhuji rupa) hetgeen een typisch kenmerk van goddelijkheid is. In de ene hand houdt Hij een shanka (schelphoorn), in de tweede een trishul (drietand), in de derde hand een kamandala (waterpot) en in de vierde hand een chandra (wassende maan).
Hieronder staat een afbeelding van de vierarmige Shiva met een bidsnoer in plaats van een waterpot en met de wassende maan in zijn haar in plaats van in zijn hand. Naar gelang de lila van een godheid kunnen de attributen verschillen.
In die tussentijd heb ik veel vertrouwelingen
van Babaji ontmoet, die hoog zijn opgeleid en een goede positie in het leven
hebben. Ik zal twee van hen bij de naam noemen. De ene is Sri Suman Bhai Patel
uit Bombay, een zakenmagnaat, en de andere is de overleden professor Jal J.
Dorab uit Jaipur, die zeer geleerd was en een grote toegewijde van Babaji was.
Toen ik hen de tekening liet zien, waren ze natuurlijk erg benieuwd om tijd en
plaats van oorsprong te weten. Zoals ik zei, ik wilde Babaji erom vragen, maar
op de een of andere manier heb ik het altijd voor elkaar gekregen om het te
vergeten te vragen.
In de tijd van Navatri in oktober 1972 werd de Sri Jagadamba Yagna uitgevoerd in mijn geboortedorp Dhanyan, District Almora, UP. Deze ceremonie had plaats in aanwezigheid van Sri 1008 Bhagavan Hairakhan. Op de vierde dag van Navatri op 11 oktober droomde ik om 03.00 uur, dat ik in Tibet was in het gezelschap van een groep lama's. De afbeelding van Babaji met vier armen had ik bij me en in de droom liet ik iedereen de tekening zien en vroeg hen of ze wisten wanneer hij was gemaakt en waar hij vandaan kwam.
Ik kwam toen een bhikshu [1] als lama tegen met de naam Jaukshu Lama en hij vertelde me, dat hij de tekening 50 jaar geleden had gemaakt en dat zijn oorsprong in Tibet lag. Op dat moment had Baba Hairakhan het goddelijk lichaam van een lama aangenomen en stond bekend als Lama Baba. Jaukshu Lama was een van Zijn hartstochtelijke toegewijden. Jaukshu Lama ging door met zijn verhaal en vertelde me, "Ik was een zeer toegewijd aanbidder van Sri Shiva en ik had maar één groot verlangen in mijn leven en dat was te worden gezegend met de darshan van mijn aanbeden godheid. Dit verzoek bleef ik constant aan mijn meester (Babaji) maken. Ik had toen helemaal niet in de gaten, dat mijn meester Zelf Sri Shiva was."
"We zaten midden in een strenge winter en ik bleef bij mijn grootmeester (Babaji) erop aandringen, dat Hij een chola (een lange bloes die sadhu's dragen) moest aantrekken, omdat het bitterkoud was, maar mijn meester droeg nooit iets; Hij bedekte Zijn lichaam alleen met een doek. Maar op zekere dag gaf Hij me toestemming om een chola voor Hem te maken. Ik was dolblij en haalde een stuk stof om een chola te maken.
"Toen ik er 's avonds aan begon te werken, herinnerde ik me opeens, dat ik had vergeten Zijn maten op te nemen. Dus ik liep meteen naar Zijn kutir (hut). De deur was afgesloten met een stromat en ik gluurde tussen de stengels door. Wat ik toen zag versloeg me met stomheid van verbazing. Sri Shiva zat daar in een diepe meditatie in zijn vierarmige gedaante en in zijn vier handen hield Hij een schelphoorn, een drietand, een waterpot en een wassende maan.
"Ik kneep mezelf een paar keer om zeker te zijn, of ik wakker was of droomde, want ik kon niet onderscheiden of hetgeen ik zag echt was of inbeelding. Daarna drong het tot me door, dat mijn Heer zou kunnen denken, dat ik Hem loop te bespieden, dus ik rende terug naar mijn plek. Nu realiseerde ik me met zekerheid, dat mijn meester (Babaji) Sri Shiva Zelf was.
"Je kunt je de immense vreugde wel voorstellen bij de vervulling van een levenslang gebed. Ik had al die jaren met mijn Sri Shiva geleefd zonder dat ik het in de gaten heb gehad.
"De volgende dag had ik een chola voor Hem gemaakt met vier mouwen en bracht hem naar mijn meester. Toen Hij dat zag, werd Hij woedend en zei, "Wat is dit? Denk je dat ik een goochelaar ben? Of neem je mij in de maling?" Toen vertelde ik Hem wat ik de avond ervoor had gezien. Hij wist dat natuurlijk allang. Het was gewoon Zijn lila geweest en Hij sprak daarna vriendelijk tegen me en zei, "Omdat het je levenswens was, moest ik hem vervullen en daarom liet ik je zien wat je gisterenavond zag".
Jaukshu Lama sloot zijn verhaal af door te zeggen, "Dit was het moment, waarop ik tekende wat ik had gezien".
Aldus eindigt Baba's Lila uit Deel Twee van het
boek van K.L. Jand,
De Onsterfelijke Baba & Zijn Lila.
© K.L. Jand,
Haidakhan Vishva Mahadham – www.babaji.net
Vertaling, voetnoot en illustraties © 2009 I. Dasi – www.vrajabhakti.nl
Krishna | Shiva | Tempeldans
[1] Bhikshu is de naam voor een van de hoogste stadia in de discipline van de verzakende levensorde (sannyasa).